22 jan 2026

|

Gesponsord

De energiehonger van AI dwingt tot herbezinning

Voor beleggers staat 2026 in het teken van één cruciale vraag: wie levert de energie voor de volgende fase van de digitale revolutie? Terwijl bedrijven investeren in nieuwe technologieën en overheden plannen maken voor economische groei, dreigt beschikbaarheid van stroom de beperkende factor te worden. Van datacenters tot productielocaties, van elektrische mobiliteit tot slimme steden – alles vraagt meer vermogen.

Voor beleggers die vooruitkijken, verschuift de aandacht van technologie naar infrastructuur. De afgelopen jaren werden gekenmerkt door snelle koersstijgingen op basis van belofte en momentum. Die fase loopt ten einde. De markt vraagt steeds nadrukkelijker om bewijs van schaalbaarheid, omzet en winstgevendheid. Daarbij speelt energie een steeds belangrijkere rol. Wie over voldoende vermogen beschikt, kan technologische achterstand compenseren door simpelweg meer rekenkracht in te zetten.

Volgende fase van de digitalisering “Als jouw model twee keer zo goed is als de mijne, dan stop ik er gewoon drie keer zoveel energie in en dan sta ik toch vooraan”, vat Lorenzo van der Struik, directeur van Gini Capital die dynamiek samen. Volgens de fondsmanager zorgt juist die verschuiving ervoor dat energie het cruciale vraagstuk voor de volgende fase van de digitalisering richting 2026 wordt. Een dergelijke verandering vraagt om scherper onderscheidingsvermogen.

Gini Capital beheert twee fondsen die samen inspelen op deze verschuiving: het Digital Future Fund en het Super Commodity Fund. Het eerste fonds staat na drie jaar op bijna 80 procent nettorendement, het tweede realiseerde afgelopen jaar 45 procent. Volgens de fondsmanager zijn die cijfers het resultaat van actief bijsturen, niet van een eenmalige themagok.

Energie en digitalisering versterken elkaar De twee fondsen opereerden eerder in gescheiden werelden. De een is gericht op blockchain, robotica en quantum computing, de ander op edelmetalen, energietransitie en mijnbouw. Maar die scheiding vervaagt snel. “Die twee werelden grijpen steeds dieper in elkaar”, legt Van der Struik uit.

De datacenters waar ChatGPT en vergelijkbare systemen draaien, vragen om uraniumreactoren, lithium voor batterijen en slimme energiesystemen. Binnen het Super Commodity Fund speelt uranium een steeds grotere rol. Er is wereldwijd feitelijk een tekort, terwijl zowel de energiesector als de medische wereld isotopen nodig heeft. “Vanwege de energietransitie is uranium momenteel een van onze kernposities”, verklaart de fondsmanager.

Binnen twee maanden brengt het Amerikaanse Department of Energy meer informatie naar buiten over de Genesis Mission, een grootschalig plan voor digitale infrastructuur. Die aankondiging zal richting geven aan waar de komende jaren kapitaal naartoe stroomt.

Selectie wordt belangrijker Het jaar 2026 wordt geen herhaling van het recente verleden. De Amerikaanse midterm elections brengen onrust, de schuldenlast blijft drukken. Voor Europese beleggers betekent dat extra waakzaamheid voor valutaverschuivingen. “Het wordt wel een selectief jaar”, voorspelt Van der Struik. “Het is niet meer zo dat alles wat AI of crypto is zomaar omhooggaat.”

De markt vraagt om grondige analyse en het vermogen snel van koers te veranderen. Zijn team van zeven analisten monitort continu wat er gebeurt. Die alertheid is cruciaal in markten die 24/7 doordraaien en waar sentiment binnen een dag kan omslaan. Zijn advies is helder: “Begin met investeren in die toekomst. Kijk niet naar wat gewerkt heeft, maar naar wat eraan komt.”

De fondsen van Gini Capital vallen onder het AFM light-regime, dus ze bieden de kans op hogere rendementen, maar zijn ook riskanter. De minimale instap is honderdduizend euro en de risicoklasse is 7 op 7. Daarmee richten ze zich nadrukkelijk op beleggers die volatiliteit accepteren en niet op zoek zijn naar defensieve vermogensopbouw.

Investeren in wat komt, niet wat was De kern van de strategie is vooruitkijken, niet achteraf beleggen op trends die al breed bekend zijn. “Het is hartstikke mooi als je honderd keer AI in de krant ziet staan, maar dan ben je eigenlijk al te laat”, waarschuwt de fondsmanager. Begin dit jaar werd de sector quantum computing toegevoegd, vorig jaar verdween de metaverse uit het fonds. Die flexibiliteit vraagt om het vermogen afscheid te nemen van posities.

Voor beleggers die vooruitkijken, liggen de kansen in de infrastructuur achter de digitale revolutie. Niet alleen de AI-bedrijven, maar ook de uranium-, lithium- en batterijproducenten die de energievraag kunnen beantwoorden. Die combinatie maakt dat de twee fondsen steeds meer als complementair worden gezien.

Van der Struik verwacht dat deze benadering ook bij grotere beleggers steeds meer weerklank vindt. “We bestaan drie jaar. De positionering voor de lange termijn is nu leidend.”