Terug naar AXA XL

Deel dit artikel:

3 sep 2026

|

Gesponsord

De controle houden terwijl de wereld schudt

Een stroomstoring bij een datacentrum, vertraging in het Panamakanaal, een cyberaanval op een leverancier. Incidenten die lokaal lijken, blijken vaak kettingreacties te veroorzaken die zich door bedrijven en sectoren verspreiden. Energie, digitale infrastructuur, transport en financiering zijn tegenwoordig zo met elkaar verweven dat een verstoring op de ene plek binnen enkele uren elders voelbaar is. Voor bestuurders is dat een nieuw risico: niet het geïsoleerde incident, maar de manier waarop verstoringen zich door hun organisatie heen bewegen.

Bij verzekeraar AXA XL houden Kai Kuklinski, regiomanager Noord-Europa en landenmanager Duitsland, en Julien Guénot, regiomanager Zuid-Europa, zich dagelijks met die vraag bezig. Beiden zien hoe bedrijven die lang profiteerden van open markten en geïntegreerde toeleveringsketens, nu moeten onderkennen hoe kwetsbaar diezelfde verwevenheid hen maakt.

Van verwevenheid naar verspreiding

Europa dankt veel van zijn concurrentievermogen aan open grenzen, gedeelde energiemarkten en verweven toeleveringsketens. Die fundamenten staan nog steeds, maar de snelheid waarmee verstoringen zich verspreiden, is fundamenteel veranderd. De verstoringen in de Rode Zee illustreren dat: omleidingen verlengden de vaartijden, verstoorden productieschema’s en dreven de vrachtkosten op, met gevolgen ver voorbij de scheepvaart.

“Het gaat niet langer om de vraag of een organisatie verbonden is met andere systemen. Elke organisatie is dat al. Het gaat erom of ze begrijpt hoe een verstoring zich door die verbindingen heen beweegt”, zegt Guénot. Hij beschrijft een verschuiving van verwevenheid naar verspreiding: energie beïnvloedt digitale infrastructuur, die op haar beurt de financiële sector ondersteunt, terwijl ook kunstmatige intelligentie afhankelijk is van een betrouwbare energievoorziening.

Kuklinski ziet dezelfde dynamiek in Duitsland. Spoorwegen die onderhoud nodig hebben, volatiele energiemarkten en toenemende klimaateffecten laten zien dat infrastructuur niet langer een stabiele achtergrond is, maar rechtstreeks bepaalt hoe aantrekkelijk een land is als investeringslocatie. Volgens de Investment Survey 2025 van de Europese Investeringsbank noemt 87 procent van de Duitse bedrijven hoge energiekosten een investeringsbelemmering, tegenover 75 procent in de hele EU.

Infrastructuur als zenuwstelsel

Waar infrastructuur ooit diende als de ruggengraat van de economie, functioneert ze nu meer als een zenuwstelsel, zegt Guénot. Kunstmatige intelligentie kan alleen opschalen met voldoende netcapaciteit, veilige connectiviteit en datacentra. De energietransitie versterkt dat beeld: bijna de helft van de Europese elektriciteit komt, volgens IEA’s Global Energy Review 2026, inmiddels uit hernieuwbare bronnen, waardoor netcapaciteit en opslag net zo strategisch belangrijk worden als opwekking.

Het Internationaal Energieagentschap (IEA) schat dat netwerkinvesteringen tot 2030 met ongeveer vijftig procent moeten stijgen om de elektrificatie en digitalisering bij te benen. Kuklinski wijst op een vergelijkbaar knelpunt in Duitsland: kerncentrales zijn gesloten, kolencentrales worden uitgefaseerd, terwijl nieuwe gascentrales en batterijopslag dat gat niet overal hebben gedicht. “Netcongestie, periodes met weinig wind en zon, en de groeiende belasting door datacentra kunnen productieprocessen rechtstreeks raken”, zegt Kuklinski. Bedrijven moeten hun afhankelijkheden in kaart brengen: welke kritieke processen zijn afhankelijk van één enkel verbindingspunt, wat gebeurt er als dat uitvalt en welke rol kunnen eigen opwekking, opslag of flexibele vraag spelen?

Bewuste redundantie

Risico volledig elimineren is niet realistisch. Waar het om gaat, is herkennen waar afhankelijkheid omslaat in kwetsbaarheid en waar redundantie gerechtvaardigd is, ook als dat op korte termijn efficiëntie kost. Veel organisaties onderkennen dat principe, maar worstelen met de uitvoering. Redundantie kost geld, en die afweging wordt niet altijd expliciet gemaakt. “Het punt is niet om overal reservecapaciteit toe te voegen, maar om selectief te investeren waar een uitval de handelingsvrijheid het meest zou beperken”, zegt Kuklinski. Herhaalde logistieke verstoringen laten zien dat veerkracht een concurrentievoordeel kan zijn.

Dezelfde logica geldt voor transport. Spoor- en wegnetwerken in Duitsland staan onder druk, en havens krijgen vaker te maken met extreem weer. Een verschuiving van just-in-time-logistiek naar een robuustere just-in-case-benadering, met bewust ingebouwde buffers, kost aanvankelijk marge, maar beschermt tegen grotere vertragingen.

Soevereiniteit als handelingsvermogen

Soevereiniteit wordt vaak verward met zelfvoorziening, terwijl het draait om het behouden van keuzevrijheid naarmate omstandigheden veranderen. Guénot omschrijft het als het vermogen om te blijven handelen onder druk. Governance is daarmee een van de meest strategische disciplines van Europa geworden: niet elke kritieke hulpbron beheersen, maar geloofwaardige alternatieven en handelingsvrijheid behouden.

Voor verzekeraars als AXA XL betekent dit dat hun rol verder gaat dan klassieke schadedekking. Risicoadvies, acceptatie en klimaatanalyse groeien naar elkaar toe, op basis van één gedeeld beeld van de blootstelling van een klant. Neem een fabrikant die op één cloudservice draait: een overstroming bij een datacentrum kan interne systemen platleggen en de financiële systemen blokkeren die nodig zijn voor noodaankopen. Niet één storing veroorzaakt de crisis, maar de gedeelde afhankelijkheid van één kritiek systeem.

Wie die verbindingen vooraf begrijpt, in plaats van pas na een verstoring, behoudt het handelingsvermogen dat in een verweven Europa het verschil maakt tussen een incident en een crisis.

Gesponsord