3 sep 2026
|
Gesponsord
Windparken en waterstoffabrieken krijgen de aandacht, maar zonder de juiste leidingen naar en van die installaties is de energietransitie onhaalbaar. Elke pijpleiding voor gas, waterstof of CO2 moet bovendien decennialang bestand zijn tegen corrosie, druk en agressieve stoffen. De coating die daarvoor zorgt, bepaalt in grote mate of een project veilig, betaalbaar en duurzaam functioneert.
Al bijna zestig jaar bouwt Selmers uit Beverwijk fabrieken en productielijnen waarmee stalen buizen worden gecoat voor de internationale pijpleidingindustrie. Het Nederlandse familiebedrijf, opgericht in 1966, telt inmiddels bijna zeshonderd referenties wereldwijd en leverde technologie voor projecten als Nord Stream 1 en 2, het Northern Endurance Partnership en Porthos. Waar veel branchegenoten losse machines leveren, bouwt Selmers complete productielijnen inclusief automatisering, kwaliteitscontrole en software.
Jan Peter Biersteker, sales director LINEPIPE bij Selmers, ziet de markt fundamenteel veranderen. “De pijpcoatingmarkt is ver geïnternationaliseerd. Waar aanbieders ooit een land of continent bedienden, opereren ze nu wereldwijd.” Van de handvol partijen die decennia actief waren op de markt, hield alleen Selmers stand. Maar de afgelopen tien jaar meldde zich een nieuwe golf toetreders, veelal uit Azië.
Coating wordt buiten de sector vaak onderschat, terwijl het direct raakt aan de veiligheid en leveringszekerheid. Pijpleidingen vervoeren gas, olie, waterstof of CO2 die bij lekkage explosief, brandgevaarlijk of vervuilend kunnen zijn. De ontwerplevensduur ligt inmiddels rond de vijftig jaar, met bouwkosten van een tot twee miljoen euro per kilometer.
“Leveringszekerheid van onze energie, ons drinkwater en tegenwoordig ook de afvoer van CO2 hangt voor een groot deel af van de kwaliteit van die leidingen”, aldus Biersteker. Conflicten en de afname van eigen gaswinning vergroten de druk op nieuwe infrastructuur, terwijl de wereldwijde energievraag ondanks vergroening blijft stijgen.
Aardgasleidingen kennen andere risico’s dan de netwerken die nu voor waterstof en CO2 worden aangelegd. Bij waterstof draait het vooral om het voorkomen van permeatie en waterstofverbrossing van het staal. Bij CO2-transport is corrosiebeheersing cruciaal, omdat vocht in de stroom koolzuur kan vormen dat staal aantast.
Selmers levert technologie voor uiteenlopende toepassingen: anticorrosiecoatings zoals FBE en 3LPE/3LPP, frictieverlagende epoxy flow coatings aan de binnenzijde en betonverzwaringscoatings voor offshore leidingen. “Voor Selmers is waterstof geen toekomstmuziek”, zegt Biersteker. “We bereiden ons hier al jaren op voor, met investeringen in innovatie, automatisering en kennisontwikkeling.”
Een voorbeeld hiervan is Aramis – het Nederlandse CO2-opslagproject op de Maasvlakte van Shell, TotalEnergies, Gasunie en EBN – met een geplande ingebruikname rond 2030. Het project vraagt op korte termijn om ongeveer tweehonderd kilometer pijpleiding, vier keer zoveel als Porthos, met een capaciteit van 22 miljoen ton CO2 per jaar. Zo’n zestienduizend buizen moeten worden gecoat, elk ruim twintig ton zwaar na de betonverzwaringslaag. Een lokale coatingfabriek nabij de Maasvlakte kan het transport, uitstoot en risico’s fors verlagen, aangezien transport een flink deel van de totale investering in een pijpleidingproject bepaalt. Bovendien kan de nieuwste coatingtechnologie de uitstoot met zo’n tien procent verlagen, terwijl de kwaliteit van het eindproduct toeneemt.
Maar automatisering en procescontrole hebben de sector de afgelopen decennia het meest veranderd – van handmatig werk naar geïntegreerde productiesystemen. “Het draait niet meer om het aanbrengen van een coating alleen, maar om het optimaliseren van het complete proces, van oppervlaktebehandeling tot inspectie en dataregistratie”, verklaart Biersteker.
Klanten verwachten volledige traceerbaarheid: per pijp moet aantoonbaar zijn welke parameters zijn gebruikt en of aan de specificaties is voldaan. Sensoren en realtime-monitoring maken het mogelijk processen bij te sturen voordat afwijkingen optreden, wat resulteert in minder stilstand en minder materiaalverlies. Volgens Biersteker verschuift Selmers daarmee steeds verder van machinebouwer naar technologiepartner, die betrokken is vanaf het eerste concept tot ver in de levenscyclus van een installatie. “Klanten kiezen niet alleen voor een productielijn, maar voor een partner die meedenkt.”
De grootste duurzaamheidsbijdrage van coating zit niet in het productieproces zelf, maar in de levensduurverlenging die het mogelijk maakt. Een pijpleiding die langer meegaat, vraagt minder vervangingsinvesteringen, minder materiaal en minder CO2-uitstoot over de gehele levenscyclus. Energie-efficiëntie bij nieuwe installaties verlaagt bovendien de operationele kosten voor klanten.
Voor de komende jaren verwacht Biersteker vooral groei in offshore-projecten. Binnen vijf tot tien jaar ziet hij waterstof- en CO2-infrastructuur uitgroeien tot een van de bepalende markten voor de sector, met hoge eisen aan materiaalkeuze en coatingprestaties.
Beleidsmakers doen er volgens hem goed aan infrastructuur niet als kostenpost te zien, maar als strategische investering. Voorspelbare regelgeving en een langetermijnvisie zijn nodig, want energieprojecten kennen investeringshorizonnen van decennia. Wie nu investeert in pijpleidingen en transportcapaciteit, legt de basis voor toekomstige energiezekerheid en concurrentiekracht.