11 sep 2026
|
Gesponsord
De Nederlandse kennisindustrie is ‘booming’. Onze universiteiten, academische ziekenhuizen en onderzoeksinstellingen werken aan nieuwe toepassingen in bijvoorbeeld celtherapie, biotechnologie, deeptech en voedseltechnologie. Die innovaties leiden regelmatig tot nieuwe bedrijven die toepassingen verder ontwikkelen en naar de markt brengen. Maar dan komt al snel de vraag op: waar gaan we ons onderzoek voortzetten? Dat blijkt niet altijd eenvoudig.
Een start-up die de universiteit ontgroeit, kan niet zomaar een leegstaand kantoor of bedrijfsgebouw betrekken. Een onderzoeks- en ontwikkelomgeving, zoals een laboratorium of cleanroom, stelt andere eisen en moet vaak worden aangepast aan het soort onderzoek dat er plaatsvindt. Afhankelijk van het onderzoek kunnen eisen gelden voor luchtbehandeling, temperatuur, trillingen, veiligheid en industriële gassen. Geschikte ruimte vinden is daardoor ingewikkelder dan het vinden van gewone kantoorruimte.
“Er komen in Nederland veel spin-offs voort uit universiteiten en andere kennisinstellingen”, zegt Johan van Gerven, country lead development NL & BE bij Kadans Science Partner. “Vaak begint zo’n bedrijf binnen een onderzoeksgroep. Dan moet je ervoor zorgen dat het niet eerst maanden bezig is met het vinden en inrichten van een geschikt laboratorium.”
Ook de kosten tellen mee. Jonge technologiebedrijven besteden investeringsgeld liever aan onderzoekers, apparatuur en productontwikkeling dan aan een langdurige verbouwing. “Tijd is voor zo’n onderneming ontzettend belangrijk”, zegt Van Gerven. “Een lang bouwtraject kan de start zomaar een jaar vertragen. Kun je die periode terugbrengen, dan blijft er meer geld en aandacht over voor het onderzoek zelf.”
Kadans Science Partner ontwikkelt laboratorium- en R&D-ruimte op en rond Nederlandse kennisclusters, waaronder Utrecht Science Park, Leiden Bio Science Park en Wageningen Campus. Voor start-ups is er bijvoorbeeld de i-HUB. Daar kunnen jonge bedrijven gebruikmaken van al ingerichte werkplekken en gedeelde voorzieningen. Zo hoeven ze niet te investeren in de bouw van een eigen laboratorium, maar kunnen ze direct inhuizen.
“Een start-up weet vaak nog niet precies hoe groot hij over twee of drie jaar is”, zegt Van Gerven. “Dan wil je niet direct vastzitten aan een grote ruimte en hoge investeringen. In een i-HUB kan een bedrijf beginnen met wat het nodig heeft en later verder groeien.”
Groeiende bedrijven willen meer controle over hun onderzoeksomgeving en ruimte voor eigen apparatuur en installaties. Met Lab Ready levert Kadans laboratoriumruimtes die zijn voorbereid op verdere groei. Nauwe samenwerking tijdens ontwerp en inrichting zorgt voor een gebruiksklare omgeving waarin onderzoek snel kan starten.
“Wanden, vloeren, luchtverversing en de belangrijkste aansluitingen zijn dan al geregeld”, zegt Van Gerven. “Daardoor kan de periode tussen het tekenen van het contract en het daadwerkelijk starten van het onderzoek veel korter worden. In sommige gevallen gaat het niet meer om anderhalf jaar, maar om enkele weken.”
Hoe een laboratorium er uiteindelijk uitziet, blijft afhankelijk van het onderzoek. Als de basisvoorzieningen er liggen, hoeft niet iedere huurder hetzelfde bouwproces opnieuw te doorlopen. Ook de locatie telt. Bedrijven in kennisintensieve sectoren zijn vaak afhankelijk van gespecialiseerd personeel en samenwerking met universiteiten, onderzoeksinstituten en andere ondernemingen. Een plek op of vlak bij een science park kan zulke contacten makkelijker maken.
“Je ziet dat bedrijven veel aan elkaar kunnen hebben als ze dicht bij elkaar zitten”, zegt Van Gerven. “Een start-up kan in hetzelfde gebouw een leverancier, samenwerkingspartner of toekomstige medewerker tegenkomen. Dat kun je niet afdwingen, maar je kunt er in de inrichting van een gebouw wel ruimte voor maken.”
Als grootste Europese ontwikkelaar en exploitant van onderzoeksgebouwen op kennisclusters is Kadans actief in zes landen en ruim 30 clusters, met een netwerk van meer dan 500 organisaties. Die schaal bundelt sector-, ontwikkel- en operationele kennis. De kapitaalkracht maakt investeringen in gebouwen en laboratoria mogelijk en geeft huurders meer zekerheid over beschikbaarheid en prijs. Nederlandse bedrijven krijgen via het netwerk toegang tot organisaties en onderzoeksomgevingen elders in Europa.
Een goede uitvinding alleen is volgens Van Gerven niet genoeg. Kadans investeert in de werkomgeving en technische basis, zodat bedrijven minder eigen kapitaal hoeven vast te leggen in vastgoed en inrichting en meer overhouden voor onderzoekers, apparatuur en productontwikkeling. “Een bedrijf heeft mensen, geld en klanten nodig, maar ook een plek waar het onderzoek kan uitvoeren. Als die ruimte niet beschikbaar is of de oplevering te lang duurt, kan dat de groei vertragen. Door dat praktische deel goed te organiseren, kunnen bedrijven hier verder bouwen.”
Met meer dan twintig jaar ervaring heeft Kadans de kennis in huis om het volledige traject, van ontwerp tot oplevering, te begeleiden en een laboratoriumomgeving te creëren die onderzoek, innovatie en groei ondersteunt.