13 aug 2026
|
Gesponsord
“De techniek is er klaar voor. Sinds begin dit jaar kunnen AI-modellen werk veilig en betrouwbaar overnemen van medewerkers. Toch ziet 95 procent van de bedrijven die AI implementeren geen blijvend resultaat terug. Niet doordat de modellen tekortschieten, maar omdat niemand de rollen, processen en besluitvorming eromheen opnieuw heeft ontworpen. Organisaties zetten AI boven op de bestaande structuur en verwachten transformatie, terwijl juist die structuur verandering vraagt.”
Dat is de kern van het verhaal van Stephan Hartgers-Rus, CEO van Xomnia, een Nederlands data- en AI-consultancybedrijf. In zijn boek ‘The Agentic Organisation’ (2026) beschrijft hij hoe AI pas waarde creëert wanneer bedrijven hun structuur aanpassen aan een nieuwe manier van werken.
“Een ‘agentic organisation’ is een bedrijf dat zo is heringericht dat mensen en AI-agents samenwerken als één systeem”, aldus Hartgers-Rus. “De rol van de mens verschuift van uitvoeren naar orkestreren: sturen wat de agents opleveren.” Zonder eigenaarschap ontstaat al snel schaduw-IT: medewerkers gebruiken AI drie keer zoveel als leidinggevenden inschatten, een teken dat kaders ontbreken, niet dat er weerstand is. Die verschuiving raakt vooral het middenmanagement. “Vroeger was hun waarde het doorgeven en controleren van werk. Nu is hun waarde het orkestreren van een team, deels mensen, deels agents”, aldus Hartgers-Rus. De functie is niet verkleind, het is een andere rol geworden die ingevuld moet zijn voordat de structuur wordt ingericht.
Verantwoordelijkheid voor AI hoort volgens Hartgers-Rus volledig bij de directie: “CEO-geleide trajecten slagen zes keer zo vaak als gedelegeerde trajecten.” Wie in plaats daarvan een chief AI officer benoemt en zelf doorgaat met andere prioriteiten, geeft die persoon verantwoordelijkheid zonder gezag. HR wordt daarbij medeverantwoordelijk: meebeslissen over nieuwe rollen, structurele oefentijd en de ondernemingsraad vroeg betrekken.
Twee spanningen blijven onvermijdelijk: snelheid tegenover draagvlak, en centrale tegenover decentrale sturing. Zijn advies: bewust bewegen van het eerste naar het tweede naarmate een organisatie volwassener wordt. Het bedrijf werkt zelf met getrapte autonomie: laag risico kan zelfstandig, hoog risico moet altijd langs een mens.
De AVG gaf Europa al een voorsprong op datakwaliteit, stelt Hartgers-Rus. Wat de AI Act nu eist: risicomanagement, documentatie en toezicht, is precies wat goed presterende AI-organisaties al doen.
In trajecten die het bedrijf begeleidt, ziet Hartgers-Rus een patroon: werkwijzen wortelen eerst in teams voordat opschaling volgt, waardoor methodieken vaak jarenlang overeind blijven. Een organisatie weet dat AI onderdeel van de bedrijfsvoering is geworden zodra niemand meer apart rapporteert over ‘het AI-project’. “Bij ons staat tokengebruik op het directiedashboard naast omzet en marge”, aldus Hartgers-Rus. Dat is het signaal dat AI is verweven.
Wie wacht met transformeren, verliest uiteindelijk ook talent: goede mensen trekken naar organisaties die al schalen. Leiders die zelf AI-fluent worden en teams van agents leren orkestreren zoals ze ooit mensen aanstuurden, bouwen aan een verschil dat over enkele jaren niet meer is in te halen.