Deel dit artikel:

17. jul 2023

|

Maatschappij

Staal presteert beter dan hout en haalt een dikke voldoende op duurzaamheidsvlak

De voordelen van staal als bouw- en constructie-element worden onvoldoende herkend door de samenleving. Wat Nico Bresser betreft gaat dat snel veranderen. Hij is directeur van bouwpartner FeNB2 Staalframebouw en vindt het hoognodig tijd dat de vermeende duurzaamheidskwaliteiten van hout ter discussie komen.

Hout is een populair bouwproduct. Niet zo gek natuurlijk. In vrijwel elk huishouden is er een zaag of schroefmachine te vinden. Bresser heeft niks tegen hout, maar waar hij een beetje kriebelig van wordt is de lofzang op de veronderstelde duurzaamheidseigenschappen van het materiaal. Hout heet een overtuigende rol te spelen bij de opslag van CO2, reageert Bresser, maar dat geldt in heel beperkte mate voor houten eindproducten, zoals houttoepassingen in de bouw. “95 procent van de boom, zoals takken en wortels, belandt niet in een eindproduct, maar wordt verschrot en als deelproduct gebruikt voor de cellulose-industie. Er bestaat zelfs een dusdanig grote vraag vanuit deze industrie dat houtproducenten de zaagmachine uitzetten en hun volledige productie aanwenden voor de cellulose. Dat levert ze gewoon meer geldt op.”

Wat Bresser daarmee wil benadrukken, is dat hij hout een prima product vindt, maar dat je het duurzaamheidsaspect in perspectief moet plaatsen. Bovendien heeft hout nog een andere eigenschap met mindere gunstige eigenschappen voor het bouwproces: hout heeft onder invloed van de wisselende relatieve luchtvochtigheid blijvend de eigenschap om te krimpen en weer uit te zetten. Zeker in Nederland wil de vochtigheidsgraad gedurende de seizoenen flink schommelen. “Dat kan zeer behoorlijk oplopen, waarbij een balk met een dikte van 235 mm kan inkrimpen tot 225 mm en uitzetten tot 245 mm. Als je dat vermenigvuldigt met een bouw van een aantal etages, dan praat je over verschillen van vele centimeters. In de woningbouw zijn zulke afwijkingen onacceptabel.”

Staalframebouw ontbreekt het aantoonbaar aan deze nadelen. Er is weliswaar sprake van een uitzettingscoëfficiënt, maar in vergelijking met hout is die verwaarloosbaar. Door de sterkte van staal kent het materiaal hoge constructieve eigenschappen. Oftewel: met staal zijn projecten te realiseren die met toepassing van hout veel lastiger of onmogelijk zijn af te ronden. Gevraagd naar de voordelen van staal weet Bresser moeiteloos tot een opsomming te komen. De lijst pluspunten lijkt onuitputtelijk, maar samengevat gaat het onder andere om de genoemde maatvastheid en de recycle-eigenschappen.

 “Geen enkel ander bouwproduct is dusdanig recyclebaar als staal. Wij voeren bouwprojecten uit waarbij de staalframe-elementen voor bijna 90 procent afkomstig zijn uit gerecycled materiaal. Bovendien is staal zeer licht van gewicht ten opzichte van beton en houtskeletbouw. Dat heeft een zeer gunstige invloed op transport- en montagekosten. Er kunnen misschien twee tot hooguit vier zware betonplaten op een vrachtwagen, terwijl diezelfde vrachtwagen volledig ‘vol’ met staalframe-elementen kan worden geladen”, aldus Bresser, die daarbij aantekent het verwerken van staal tegelijkertijd hogere engineeringskosten kennen. Het product laat zich niet net zoals hout gemakkelijk modelleren; de maatvoering dient vooraf berekend en bekend te zijn, terwijl daar tegenover staat dat de montage en afwerking aanzienlijk sneller kan gebeuren.

Waar op dit moment nog een uitdaging ligt, zijn de milieueffecten bij de productie van staal. Dat is op dit moment misschien een punt van discussie, reageert Bresser, maar de realiteit van nu wordt snel ingehaald door ontwikkelingen. Kijk naar Tata Steel en of Arcelor Mittal dat nu nog misschien regelmatig in het nieuws komt vanwege de milieu-impact, terwijl het bedrijf er hard aan trekt om het bedrijfsproces te vergroenen. Bresser: “Het is alle hens aan dek bij Tata Steel om de overstap naar  CO2-neutraal staal te realiseren. Er wordt hard gewerkt om technologie op basis van waterstof mogelijk te maken. De productie van staal wordt daarmee in rap tempo overtuigend meer duurzaam.”

Gesponsord