6 jul 2026
|
Gesponsord
AI-tools zoals Microsoft Copilot, ChatGPT en Claude beloven een directe sprong in productiviteit, maar technologie is vaak slechts de helft van de oplossing. De werkelijke uitdaging ligt in de kloof tussen techniek en vaardigheden. Een organisatie kiest vaak een tool, maar leidt mensen vervolgens onvoldoende op of neemt ze niet mee in het proces. Het rendement is dan beperkt.
De paradox van deze digitale transitie is dat AI-tools zich zo snel ontwikkelen dat het niet langer draait om hoe één specifieke tool werkt, maar om hoe je samenwerkt met AI: waar de grenzen liggen, waar een model goed in is, en hoe je de juiste interactie krijgt voor het beste resultaat. Dat vraagt een fundamenteel andere aanpak. Computrain biedt opleidingen voor IT- en digitale vaardigheden en is gespecialiseerd in AI-adoptie.
“Waar AI voorheen vooral een onderwerp was voor IT-specialisten, is het nu een technologie die beschikbaar is voor iedereen die goed met natuurlijke taal overweg kan”, stelt Sjon Post, manager portfolio en onderwijs bij Computrain. De drempel is verlaagd: AI-tools zijn toegankelijker en voeren eenvoudige taken al heel goed uit. Maar wil je er in de praktijk echt rendement uit halen, complexere taken uitbesteden en dat niet alleen effectief maar ook veilig doen, dan heb je kennis nodig die verder gaat dan het bedienen van een tool.
Die toegankelijkheid brengt namelijk ook nieuwe risico’s met zich mee, zoals te veel vertrouwen in de uitkomst van AI. Er ontstaat een precaire situatie, namelijk ‘shadow AI’, waarbij medewerkers op eigen houtje tools gebruiken zonder beleid, waardoor de kans toeneemt dat een organisatie niet voldoet aan de EU AI Act. “Niet alleen het werken met AI is belangrijk, maar ook weten wat er wel en niet mag. Een medewerker die Copilot gebruikt om klantdata samen te vatten, moet niet alleen weten hoe je een prompt schrijft, maar ook welke gegevens wel en niet gebruikt mogen worden, hoe je output controleert en wanneer menselijke beoordeling noodzakelijk blijft. Dat nemen we mee als integraal onderdeel van onze trainingen, zodat compliance geen bijzaak achteraf is”, aldus Post.
Om dit te doorbreken, werkt Computrain met een aanpak die de hele organisatie omvat en zowel de technische als menselijke kant integreert. In het tienstappenplan van Computrain komt toolselectie daarom pas op stap vijf. Eerst moeten ethiek, governance, compliance, adoptie en de benodigde AI-skills per functie duidelijk zijn. Daarna volgen de technische randvoorwaarden, zoals toolselectie en toegang tot kwalitatieve data. Vervolgens worden medewerkers getraind volgens gerichte leerlijnen, afgestemd op hun rol en niveau, waarna organisaties met pilots en continue verbetering de stap maken naar duurzame AI-adoptie.
Compliance moet geen bijzaak zijn
Het doel is daarbij niet het aanleren van ‘knoppenkennis’, aldus Post. Waar het bij eerdere tools zoals Office, Outlook en Teams vooral ging om weten welke knop waar zat, ligt dat bij AI anders: “Het gaat veel meer om het principe: hoe werken we samen met een model dat zich steeds verder ontwikkelt? En wat voor soort werk kun je daadwerkelijk hieraan uitbesteden?”
Deze transitie vraagt om verschillende rollen binnen een bedrijf. Naast het opleiden van de medewerkers die er dagelijks mee werken, heb je een AI-engineer en een AI-businesslead nodig die AI inbedden in de werkprocessen. Om de verandering te begeleiden, zet Computrain daarnaast AI-adoptiecoaches in. Daarbij heeft iedereen een ander perspectief op AI: van enthousiaste pioniers tot kritische verkenners die eerst bewijs willen zien.
“Alleen maar mensen die vooroplopen werkt niet, en alleen maar mensen die kritisch zijn ook niet. Je moet de balans vinden om de hele organisatie mee te krijgen.” Die balans zoekt Computrain door niet alleen naar de techniek te kijken, maar de hele markt in context te plaatsen. “We kijken naar wat mensen binnen Nederland nodig hebben. We werken hierbij veel samen met de top-500-bedrijven, het mkb en de Rijksoverheid.”
Om mensen gericht op te leiden, hanteert Computrain een methodiek die verder gaat dan het aanleren van een tool. Het draait om het destilleren van leerpaden op basis van een drieluik: hard skills, soft skills en algemene kennis. “Wat moet een medewerker kunnen, en welke kennis heeft het team nodig?”, zegt Post. “Dat wil je vervolgens finetunen, zodat je mensen heel gericht kunt opleiden.” Door naast de technische kennis ook de communicatieve en kritische vaardigheden te versterken, ontstaat de basis voor een duurzame transformatie.
Welke kennis heeft het team nodig?
Het kantelpunt ligt volgens Post in de overgang van experimenteren naar schalen. “Als je de mindset meekrijgt, kunnen organisaties echt groeien.” De technologie is er. De vraag is of organisaties hun mensen op tijd meenemen. Wie daar nu in investeert, houdt de regie zelf in handen.